Staets steenman en Aelbert Kalfsster genomineert ende geconfirmeert tot mombaren over de onmundighe kinderen van Evert in den Dam bij Trientien Hendricks egel geprocreeert met namen
Geesken 14,
Michael 12,
Aeltien 20 [dit moet zijn 10],
Wijgert 5 ende Hadewijch 3 jaeren out.
Wienvolgens ingecomen staet ende Inventaris waer bij de vaeder sijn voorsz. kinderen voor s moeders goet heeft toegelecht een halfscheijt van een Hoff bij de Vispoorte gelegen, als mede den halfscheijt van [doorgestreept: een] twee obligatien van vijve hondert car gt. [ingevoegd: bij den inventaris vermelt] voorts de halfscheijt wegens den inboedel des huijses geastimeert op sestich gl. 16 st. sijnde des onmundigen quota 30 gt. 8 st, blijvende de In ende uijtschulden tot laste en baete van de vaeder, noch comt de kinderen alleen wegens des moeders goed klederen gepriseert ende bij de vaeder aengenomen voor acht en dertich gl. 10 st., soo dat de onmundigge voor moeders goet behalven de halfscheijt van den Hoff ende [tussengevoegd: twee] obligatien, [doorgestreept: it toegelegt] soo in t' gemeen blijver is toege set acht en sestich car gt [tussengevoegd: 18 st] voor welcke 68 gt, 18 st. de vaeder tot verseeckeringhe in handen vande mombaren gegeven heeft een obligatie van twee hondert en vijftigh car gt., die de selve voor de voorsz. summa verbonden heeft.
Ende is het selve alsoo bij de mombaren aengenomen.
bron akte: Protocol Weeskamer Zutphen, boek VII, archiefnummer 137, 0137_0007, inventarisnummer 7, blad 35
De akte is getranscribeerd met behulp van Transkribus. Minimaal verduidelijkingen in de tekst zijn aangebracht.